
‘Bruine Kiekendief is altijd in m’n leven aanwezig geweest’
AlgemeenMaasdam - De Bruine Kiekendief loopt als een rode draad door het leven van de 88-jarige Gerard Ouweneel uit Maasdam. De doorgewinterde vogelkenner werd als jongen al verliefd op deze karakteristieke roofvogel. Alle vogels hebben zijn onvoorwaardelijke liefde en interesse. ‘Er zijn spannender roofvogels, maar de Bruine Kiekendief is altijd in mijn leven geweest.’ Hij schreef er een boek over: ‘Op bruine kieken raakt niemand uitgekeken.’
Er heerst enige opwinding op de ochtend van de ontmoeting in huize Ouweneel want in de (zeer vogelvriendelijke) tuin is een appelvink gesignaleerd. En dat is iets bijzonders. ‘Af en toe moet ik even kijken hoor’, meldt de vogelkenner derhalve terwijl hij al naar de verrekijker op tafel reikt.
Gerard Ouweneel werd in 1937 geboren in Rotterdam en stamt uit een boekhandelaarsfamilie. ‘Mijn opa gaf me eens een dummy’, zo steekt Gerard van wal, ‘zo’n boek met alleen voorin enkele beschreven pagina’s. Ik heb het gevuld met aantekeningen en zelf geschreven verhaaltjes over vogels. Ik knipte overal plaatjes uit tijdschriften en plakte die erbij. Toen was ik 10 jaar.’
Het boek koestert hij nog altijd. De liefde voor de natuur kreeg Gerard van huis uit mee. Vooral zijn moeder stimuleerde dat. ‘Ik denk dat mijn liefde voor vogels te maken heeft met het gevoel van vrijheid dat vogels bij me oproept’, vervolgt Ouweneel, ‘uren kon en kan ik naar ze kijken. Het idee dat je al vliegend zo ergens anders kan zijn.’ En dat heeft ‘ie in praktijk gebracht want hij is, al dan niet samen met toegewijd echtgenote Els, over heel de wereld geweest om vogels te spotten. Tot in Afrika en Mongolië toe. ‘Als kind ging ik vaak met m’n ouders op vakantie naar Texel. Daar zag ik een keer op een excursie een nest met jonge kieken. Terugkijkend is daar de vonk overgesprongen denk ik.’
Grondbroeders
Sinds 1968 woont het echtpaar in de Hoeksche Waard en laat dat nou net een plek zijn waar de Bruine Kiekendief het goed doet. ‘Ze komen van heel ver’, vervolgt Gerard, ‘want ze waren bijna uitgestorven maar vooral dankzij het krekenplan Argus is de populatie hier sterk toegenomen. Het zijn namelijk, heel bijzonder voor een roofvogel, grondbroeders. Dat kan hier goed met de natuurvriendelijke oevers. Tegelijkertijd zijn er bedreigingen want die oevers groeien langzaam dicht. Dat wordt gedaan om de bedreigde weidevogels te helpen aan broedplekken, maar kan dus ten koste gaan van een andere soort.
Bovendien zijn er na de vogelgriep met veel kadavers als gevolg veel ratten en vossen op het eiland, die vreten de eieren op. Niet voor niets hebben Bruine Kiekendieven grote legsels van wel 6 eieren soms.’ De vogel past zich enigszins aan door ook in droge slootkanten te broeden, in rietruigten of op landbouwarealen maar ook daar zijn ze kwetsbaar. Nesten worden, vaak in goed overleg met de boeren, gemarkeerd met palen zodat ze niet gemaaid worden. Maar vossen, slim als ze zijn, weten dat precies.
De Bruine Kiekendief is te herkennen aan zijn uiteraard bruine kleur, al zit daar subtiele nuancering in. Het mannetje heeft een fraaier verenpak dan het wijfje. Ook heel karakteristiek: ze scheren laag over het land als ze aan het jagen zijn.
De Hoeksche Waard telde nog niet zo lang geleden 52 broedparen en vormde daarmee een echt broedbolwerk. ‘Dat aantal zal inmiddels stellig minder zijn’, denkt Gerard, ‘ze hebben met allerlei bedreigingen te maken. Maar ze zullen zich hier zeker weten te handhaven.’
Verhalen met humor
Het boek is bepaald niet het eerste schrijfproduct van Ouweneel. Voor allerlei vakbladen publiceerde hij in de loop der jaren talloze artikelen en hij heeft daarnaast, vooral sinds z’n pensionering, een rijtje boeken op z’n naam staan. Vaak verhalen. In 1956 verscheen z’n eerste publicatie. ‘Het leek me daarom aardig nu eens een boek over een specifieke vogel te schrijven’, vervolgt Gerard, ‘mede op verzoek van de uitgever trouwens. Alhoewel ik eerder al een boek over de wilde eend geschreven heb. Roofvogels spreken tot de verbeelding en de Bruine Kiek is zo’n typische roofvogel voor laag Nederland. Het boek is deels autobiografisch, mijn levensverhaal is erin verweven. Er komt natuurlijk veel Hoeksche Waard in voor, het boek begint op de Weelsedijk.’
Steevast verpakt de ervaren auteur een fikse dosis humor in z’n teksten. ‘Schrijven zit toch een beetje in m’n bloed, dat zal het boekhandelsverleden wel zijn. Ik zie vaak dingen of maak situaties mee waarbij het meteen begint te kriebelen en ik een verhaal aan voel komen.’ Zo liggen er al een aantal panklaar en die worden mogelijk ook nog gebundeld. Intussen voelt de vogelfreak wel degelijk het lijf. ‘Ik wil nog van alles maar ik vrees niet zoveel tijd meer te hebben. Het eindeloos struinen door de polders of de hele wereld over reizen is wel voorbij. Vooral sinds corona is het nu veelal in de tuin spotten. Ik ben begonnen als jongen met uren naar buiten kijken naar de vogels, en zo eindigt het, denk ik.’
Boekpresentatie
Op vrijdagmiddag 7 februari om 16.00 uur is in het theater van Boekhandel Donner aan de Coolsingel in Rotterdam de openbare presentatie van het boek. Ongetwijfeld met een causerie van de auteur. Wie erbij wil zijn kan zich aanmelden via de site van ‘Evenementen Donner’. Ga dan naar ‘aankomend’, en scrol naar 7 februari 2025. ‘Bestel ticket’ en u bent aangemeld.
Op bruine kieken raakt niemand uitgekeken. ISBN 978 94 92519 86 3. Paperback, 302 bladzijden, € 19.95. Uitgeverij Liverse Dordrecht. Omslag en artist impressions zijn van Elwin van der Kolk.
(tekst: Conno Bochoven)