
Gerard Ouweneel bundelt 70 verhalen over vogels en mensen
‘Dwaalgasten’ is de titel van een nieuwe verhalenbundel van Gerard Ouweneel. Voor de zeventig verhalen over vogels en mensen in dit boek raadpleegde hij regelmatig zijn vogeldagboeken. In zijn lange en arbeidzame leven publiceerde Ouweneel een indrukwekkend aantal boeken en publicaties.
Maasdam - De naar zijn negentigste jaar op weg zijnde Maasdammer begon die excursiekronieken bij te houden in 1951, op zijn dertiende jaar. Dat stapeltje cahiers omvat nu rond driekwart eeuw vogelaarsbestaan.
De titel Dwaalgasten heeft een dubbele laag. Vogelaars beschouwen vogelsoorten die ver buiten hun normale verspreidingsgebied zijn uitgezworven als dwaalgasten. De uit Noordoost-Siberië afkomstige brileider, die begin 2025 bij Texel werd aangetroffen en die vogelaars vanuit veel landen trok, was een zeer bijzondere dwaalgast en staat dan ook op de omslag van dit boek.
Zeevogels favoriet
Ouweneel vindt echter alle vogelaars die in het veld rondzwerven om vogels waar te nemen, ze te registreren, te bestuderen, te beschermen en/of te fotograferen dwaalgasten, inclusief zichzelf.
De onrust die de schrijver zijn hele leven ondervond loopt als een rode draad door de verhalen. Die ongedurigheid in relatie met zijn passie voor vogels was in zijn ouderlijk huis in Rotterdam al een dankbaar onderwerp voor sinterklaas-surprises. Terugziend concludeert Ouweneel dat ondernomen zeereizen om zeevogels te zien de meeste satisfactie gaven. Op zee is men immers altijd ‘onderweg’. Albatrossen werden Ouweneels favoriete vogels; van de inheemse vogelsoorten heeft de visarend zijn voorkeur.
Menig verhaal gaat over Hoekschewaardse vogels en vogelaars. De vertellingen zijn beschouwend, emotioneel, humoristisch, wellicht soms ergerniswekkend, tragisch, blij makend, historisch en (zelf)kritisch van toonzetting. Achter op de fiets van zijn ouders kwam hij al in WOII in de Hoeksche Waard. Het waren de vogels van deze streek die hem ertoe brachten er gaan wonen. Zo is er een hoofdstuk over ervaringen op de trektelpost ‘Zuidpunt Hoeksche Waard’. Ouweneel: 'Eigenlijk zou dat de ‘Telpost Menno Korbijn’ moeten heten omdat de Strijenaar de kwaliteiten van die plek voor trekvogels ontdekte.'
Ganzen tellen
Voorts is er een hoofdstuk over bezoeken aan de tuin van Dirk Goudswaard. Deze spant zich in om het grauwe vliegenvangers naar de zin te maken, een van de soorten waarop Ouweneel gesteld is. Wijlen A.B.H. Vlielander, rentmeester van de Ambachtsheerlijkheid Cromstrijen, overlegde graag over ganzen, waardoor Ouweneel in 1961 toestemming kreeg de ABH te bezoeken om daar ganzen te tellen en onderzoek te verrichten.
In een ander hoofdstuk lezen we over de destijds met veel gemeentelijke tamtam gelanceerde plannen om ten behoeve van een kolonie huiszwaluwen tot een ‘Natuurhuis’ te komen. Waarna het verder stil bleef…!
Ode aan Els
Vaak verschijnt Ouweneels echtgenote Els ten tonele. 'Terecht', vindt Gerard, 'want zij moest met mijn onrust en vogels leren leven.' De Brileider op de omslag en de vele vogeltekeningen werden verzorgd door Elwin van der Kolk, vermaard wildlife-artist en illustrator. Van de door hem geïllustreerde ‘Zakgids Vogels van Nederland en België’ werden ruim 50.000 exemplaren verkocht.
Presentatie
Het boek wordt vanavond, woensdagavond 13 mei, vanaf 19.30 uur in het HWL-centrum aan de Veerweg 1c in Numansdorp ten doop gehouden. Op deze 'Nature Talk' avond wordt het boek niet alleen tegen een gereduceerd bedrag aangeboden, een deel van de aankoopprijs wordt gedoneerd aan HWL. Indien gewenst signeert Gerard elk gekocht exemplaar.